donderdag 6 december 2012

De eerste ontmoeting met mijn half zus.




Geschreven: 20-02-2007


Ik kom uit een familie van 11 kinderen. Ik ben de een na jongste van het gezin.
Na het overlijden van mijn moeder kwam mijn zus naar mij toe om te zeggen dat ze opzoek is gegaan naar onze half zus. Mijn zus was via internet een zoek actie begonnen. We hadden geluk, want niet lang daarna kreeg ze per toeval bericht van de ex-man van een van de dochters van mijn half zus dat we haar zochten.

Ik heb haar nooit gekend. Er werd wel eens over haar gesproken toen ik klein was, maar meer ook niet. Mijn vader heb ik zelf nooit over haar horen spreken. Van mijn moeder heb ik vaag het verhaal gehoord. Maar omdat ik te jong was bleef het bij een verhaal. Waarom weet ik tot nu toe nog steeds niet.

In december 2004 was het dan zover. We hadden afgesproken bij het huis van mijn zus.
Ik leerde voor het eerst mijn zus en haar 3 kinderen kennen. Ik ben dus eigenlijk de tante van die kinderen. Een van haar dochters is rond de leeftijd van mij. Wel grappig.

Wat ik het mooiste vond is dat mijn zus ook christen is. Ze is jaren zendelinge geweest in de Filippijnen. Ik ben God heel dankbaar voor deze ontmoeting, want ik verlangde altijd een zus die Jezus persoonlijk ook kent. Die een relatie heeft met de levende God.
Mijn eerste indruk op haar was meteen van, ja dit is echt mijn zus. Ik herkende meteen dingen in haar, van die familie trekken. Het klikte ook meteen. Het was of je elkaar jaren kent.

Wat ik heel jammer vind is dat de oudste broer er niet open voor stond om haar te ontmoeten. Van de ene kant begrijp ik het ergens wel van zijn kant. Hij leeft zelf met een geheim, waar hij zelf niet over wil praten.

De oorlog in Indonesiƫ heeft heel veel geslagen wonden bij mensen achter gelaten. Ook bij mijn familie. Er is heel veel taboe. Vooral de oudsten praten er liever niet over. Er is heel veel schaamte, maar ook heel veel verdriet.

Als klein kind ben ik met die verhalen opgegroeid. Ik heb heel veel verhalen van mijn moeder gehoord. Van de enen kant is het niet goed dat een moeder een kind met haar verdriet opzadelt. Maar ik begrijp dat mijn moeder ook een uitlaat klep nodig had om het kwijt te raken.
In haar tijd was er geen opvang. De opvang voor mensen met oorlog traumatische ervaringen was er niet. Nu achteraf ben ik blij dat ik het wel weet.

Er is nog steeds heel veel taboe over het spreken ervan. Ik heb ooit met Indonesische mensen geprobeerd er over te praten, maar ik merkte dat er heel veel geslotenheid is.

In mijn jeugd was het ook dat we niet hard mochten praten. Mijn moeder zei dan altijd van st…st…st… . Er werd dan heel zacht gesproken, omdat ze bang was dat anderen het zouden horen.  

Er is heel veel stil gezwegen in mijn familie. Nu nog steeds.

Toen mij moeder was overleden heb ik geprobeerd te praten met sommige broers van mij.     Ik heb ze wel verteld wat er met mij is gebeurd. Maar ik zie nu dat ze niet weten hoe ze ermee moeten omgaan. Zelfs met het verleden van mijn moeder, de verhalen die ik ken, ze kunnen er niet over praten.

Om dingen van mij af te schrijven heb ik voor mijzelf besloten dat ik de verhalen voor mijzelf ga op schrijven. Korte stukje. Ik kijk wel hoe God het leid. Want ik weet voor mijzelf dat ik ooit dit weblog zal laten lezen aan mijn familie. Als ze er voor klaar zijn.

Ik dien een leven de God.
Jezus Christus leeft.
Hij leeft in en door mij door zijn Heilige Geest.

Als ik God niet had, zat ik misschien allang in een psychiatrische inrichting.
Want ik heb die tijd gekend dat ik dacht dat ik geestelijk gek werd.
Ik kon het niet verwerken.
Jaren en jaren heb ik alleen maar gehuild.
De pijn zat zo diep in mij.
Soms wist ik niet eens precies welke pijn ik in mij had.
En dan die film. Steeds zag ik het verleden als een film voorbij mij gaan.

Maar toen kwam Jezus in mijn leven.
Het was een lange weg.
Maar samen met Hem ben ik die weg gegaan.
Geen makkelijke weg.
Ik heb de eerste paar jaren heel veel gehuild.
Soms leek het of de pijn nog erger werd.

Maar samen met Jezus ben ik naar die momenten terug gegaan
En als de tijd er voor was heb ik diepe aanrakingen, genezingen en bevrijding mogen ervaren. Met Jezus ben ik de hele weg gegaan.
Hij heeft mij nooit begeven of verlaten. Zelfs al waren er tijden van momenten dat ik los liet, omdat ik dacht dat ik het niet aan kon. Maar steeds was daar die liefdevolle aanraking van Hem.

Ik weet dat er een levende God is, daar ik zelf wonderbaarlijke ontmoetingen heb gehad met Hem.
En heb mogen ervaren hoe hij mij van geest, ziel en lichaam heeft genezen